Het idee waar jij enthousiast over bent, presenteer je aan je collega’s of stakeholders.
Je gebruikt exact de redenen die jou over de streep trokken: datagedreven efficiëntie, schaalbaarheid en innovatie. Logisch toch?
En toch blijft het even stil. Desinteresse of subtiele twijfel.
De klassieke denkfout? Veronderstellen dat anderen door dezelfde lens naar succes kijken als jij.
Mensen luisteren nooit waardevrij; ze beoordelen elk idee aan de hand van wat hún rol, team of mindset prioriteit geeft.
Kijk naar een maatschappelijk voorbeeld: progressief en conservatief zijn het over weinig eens, maar zowat iedereen steunt het smartphoneverbod in de klas.
Waarom?
-
Voor de één draait het om bescherming: het kind behoeden voor de algoritmes van Big Tech.
-
Voor de ander gaat het over orde en focus: rust in de klas, respect voor de leraar en echte sociale interactie.
Eén en hetzelfde voorstel, geland op twee totaal verschillende waardensystemen.
Wil je collega’s adviseren en écht meekrijgen? Vraag je voor het overleg niet af: “Wat wil ik zeggen?”, maar wel: “Welke onderliggende waarde moet mijn voorstel raken om bij déze collega te landen?”
Vergelijk het verschil in de praktijk:
-
Jouw insteek (innovatie): “Met deze tool automatiseren we de rapportering en werken we state-of-the-art.”
(Jij bent overtuigd, maar de risicomijdende projectmanager voelt vooral onzekerheid.)
-
De insteek van je collega (zekerheid & risicobeheersing): “Met deze tool verkleinen we de foutmarge in de kwartaalcijfers naar kwasi-nul en borgen we de datakwaliteit.”
(Hetzelfde voorstel, maar nu sluit het naadloos aan op hún drijfveer.)
Stop met het pitchen van jouw eigen favoriete argument.
Schrijf vóór elk strategisch gesprek eerst de twee belangrijkste waarden van je gesprekspartner op — en frame je oplossing dáárop.
Op welke drijfveer stem jij je argumentatie meestal af als je een kritische collega wil overtuigen?
#klanten #adviseren




